Afgelopen maart stapte ik opnieuw in het vliegtuig, met bestemming Zuid-Korea. Tien jaar nadat ik mijn laatste reis als reisbegeleider door Maleis Borneo had begeleid, pakte ik mijn oude rol weer eenmalig op. Een week lang mocht ik een bijzondere kennismakingsreis door Zuid-Korea begeleiden.
Dit keer reisde ik niet met een reguliere groep reizigers, maar met elf enthousiaste reisprofessionals. Het doel van de reis was om Zuid-Korea als bestemming te ervaren, maar ook om kennis te maken met waar Dimsum Reizen voor staat: reizen met aandacht voor cultuur, lokale ervaringen en bijzondere ontmoetingen.
En natuurlijk mocht één belangrijk onderdeel niet ontbreken: de Koreaanse keuken. Want wie Korea zegt, zegt eten. De Koreaanse keuken is een essentieel onderdeel van de cultuur. Van kleine lokale restaurants tot markten vol bijzondere gerechten en moderne foodconcepten; tijdens deze reis wilden we vooral veel proeven en ontdekken.
Na maanden van voorbereiding was het in maart eindelijk zover. Ik stapte in het vliegtuig richting Seoul!
- Sarah Reisspecialist Zuid-Korea 2026
Bekijk hier haar fotoalbum.
Omdat ik een paar dagen eerder aankwam dan de groep, had ik rustig de tijd om weer aan Seoul te wennen. Het was alweer een aantal jaar geleden dat ik in Zuid-Korea was geweest en ik was benieuwd hoeveel er veranderd zou zijn.
Het antwoord: veel, maar tegelijkertijd ook weinig.
Seoul blijft zich in hoog tempo ontwikkelen. De straten waren druk, overal waren mensen onderweg en op bijna iedere hoek vond je wel een nieuw koffietentje, restaurant of cocktailbar. Toch voelde de stad nog altijd heel Koreaans. Ondanks alle moderne ontwikkelingen heeft Seoul zijn eigen karakter behouden.
Wat mij direct opviel, was dat ik maar weinig buitenlandse toeristen zag. De stad leek vooral door de Koreanen zelf ontdekt te worden: vrienden die samen koffie gingen drinken, gezinnen die uit eten gingen en jongeren die nieuwe winkels en restaurants bezochten.
We verbleven in Myeongdong, een bekende en levendige wijk in het centrum van Seoul. Hoewel deze wijk vooral bekendstaat als winkelgebied en toeristische trekpleister, is het een ideale uitvalsbasis om de stad te verkennen. De metro is dichtbij en binnen korte tijd ontdekte ik gezellige cocktailbars met livemuziek, traditionele restaurants en hippe koffiezaken.
Tijdens deze dagen ontmoette ik ook onze gids voor de komende reis: Lisa. Een echte Seoulite; geboren en getogen in de stad. Ze was spontaan, grappig en vertelde vol enthousiasme over haar leven in Seoul. Al snel kwam ik erachter dat zij niet alleen ontzettend veel wist over haar stad, maar ook een echte foodie was. Dat beloofde veel goeds voor de komende dagen!
Na een paar dagen alleen in Seoul reisde ik samen met Lisa richting de luchthaven. Tijd om de rest van de groep te ontmoeten.
Wanneer de rest van de groep arriveert en zich heeft gesetteld, starten we de reis zoals het hoort in Korea: met een goede maaltijd. In Jongno-gu, een wijk vol gezellige restaurants en smalle straatjes, schuiven we aan bij Bangida. Een klein Koreaans fusion restaurant dat je gemakkelijk voorbij zou lopen. Toch staat er buiten al een flinke rij te wachten. Gelukkig hebben wij gereserveerd.
Wat mij trouwens direct weer opviel, was hoe normaal Koreanen het vinden om ergens voor in de rij te staan. Of het nu gaat om een populair restaurant, een nieuwe conceptstore of een tijdelijke pop-up: wachten hoort er gewoon bij. Mijn Koreaanse collega vertelde zelfs dat zij laatst anderhalf uur wachtte voor een rundvleessoep omdat het restaurant helemaal viral ging! Een mooi verschil met onze Nederlandse haast.
Het restaurant overigens blijkt een perfecte eerste kennismaking met de Koreaanse keuken. Traditionele gerechten worden gecombineerd met herkenbare (Westers) smaken en ingrediënten, waardoor iedereen enthousiast aan tafel zit. We proosten met een Makgeolli-cocktail, gemaakt met de traditionele Koreaanse gefermenteerde rijstwijn. De eerste avond is wat mij betreft geslaagd!
We hebben in totaal twee volle dagen om Seoul te verkennen en die worden goed benut. De stad is enorm en iedere wijk heeft een heel eigen karakter. Juist die afwisseling maakt Seoul zo leuk: de ene keer loop je tussen eeuwenoude paleizen en traditionele hanoks, een uur later sta je tussen de wolkenkrabbers en de nieuwste conceptstores.
Onze eerste stop is het Gyeongbokgung-paleis, het grootste en bekendste koninklijke paleis van Zuid-Korea. We zijn er precies op tijd voor de wisseling van de wacht bij de Gwanghwamun-poort. Iedere ochtend om 10.00 uur wordt hier de ceremonie uit de Joseon-dynastie nagespeeld. De wachters dragen kleurrijke historische uniformen en voeren onder begeleiding van trommels en traditionele muziekinstrumenten een ceremonie uit die eeuwen geleden diende om de koning en het paleis te beschermen. Tegen de moderne skyline van Seoul vormt het een bijzonder contrast.
Ook wandelen we door Bukchon, een wijk vol traditionele hanoks. Deze Koreaanse huizen worden nog steeds bewoond en geven de wijk een heel ander gevoel dan de moderne wijken met wolkenkrabbers en winkelcentra. Wis je dat je ook in traditionele hanoks kunt overnachten?
Later die dag bezoeken we Gangnam, misschien wel de bekendste wijk van Seoul. De meeste mensen kennen de naam natuurlijk van de wereldhit Gangnam Style, maar de wijk staat vooral bekend als het moderne en welvarende hart van de stad. Hier vind je luxe winkels, brede boulevards, moderne architectuur en de indrukwekkende COEX Starfield Mall, met de bekende Starfield Library als blikvanger. Tussen alle hoogbouw ligt verrassend genoeg ook de Bongeunsa-tempel, een eeuwenoud boeddhistisch tempelcomplex waar het, ondanks de drukte van de stad, opvallend rustig is.
Seoul op de fiets
Een van de leukste manieren om Seoul te ontdekken is wat mij betreft per fiets. We splitsen onze groep op en gaan met twee enthousiaste gidsen op pad voor een fietstocht van ongeveer vier uur. Al snel verlaten we de bekendere plekken en fietsen we door buurten waar je als bezoeker niet zo snel terechtkomt.
Het fietsen door zo'n enorme stad als Seoul ging verrassend goed en was heel relaxt. Er zijn best wel wat fietspaden en af en toe fiets je gewoon over de stoep. Dat mag gewoon! De groepen waarin je fietst zijn nooit groter dan 8 personen en er gaan altijd 2 begeleiders mee. Zo blijft het veilig en kijkt er altijd iemand extra mee.
We beginnen in Seochon, ook wel West Village genoemd. Deze wijk ligt naast het Gyeongbokgung-paleis en heeft veel van zijn oorspronkelijke karakter behouden. De smalle straatjes, kleine winkels en traditionele huizen geven een heel ander beeld van Seoul dan de drukke winkelstraten.
Onderweg stoppen we bij de Tongin Market. Deze overdekte markt is geliefd bij de locals en staat bekend om zijn vele kleine eetkraampjes. Wij schuiven aan bij een klein restaurantje waar tteokbokki wordt geserveerd: zachte rijstcakes in een pittige saus. De eigenaar blijkt afkomstig uit Noord-Korea en maakt zijn tteokbokki volgens een familierecept. Het resultaat is een iets kruidiger en pittiger variant dan je normaal in Seoul proeft. Heerlijk!
We fietsen verder langs de Blue House, jarenlang de officiële residentie van de Zuid-Koreaanse president, en rijden vervolgens door Insadong. Deze wijk staat bekend om zijn traditionele theehuizen, galerieën en winkels met ambachtelijke producten. Ook ligt hier de Jogyesa-tempel, het centrum van het Koreaanse zenboeddhisme.
Na de fietstocht lijkt het een goed moment om uit te rusten, maar in Korea draait een groot deel van de dag toch weer om... eten.
Daarom brengen we toch maar een bezoekje aan de bekende Gwangjang Market, een van de oudste en bekendste markten van Seoul. Hier maken we opnieuw kennis met allerlei Koreaanse gerechten. Op tafel verschijnen gimbap, mungbonenpannenkoeken (bindaetteok), hartige pannenkoeken (jeon), dumplingsoep (Mandu-guk) en natuurlijk nog veel meer kleine hapjes om samen te delen. We moeten onszelf een beetje afremmen, want later die avond staat er nóg een culinair hoogtepunt op het programma: een traditionele Koreaanse barbecue.
Barbecueën in Korea is toch iets anders dan wij gewend zijn. Je gaat zitten aan een ronde tafel waar in het midden een gas barbecue staat. Boven iedere tafel hangt een grote afzuigkap die de rook direct afzuigt, zodat je na afloop niet volledig naar barbecue ruikt. Waar wij vaak grote stukken vlees grillen, krijg je in Korea juist dunne plakjes of kleine stukjes vlees die snel garen. Varkensvlees is veruit het populairst, maar ook rundvlees en vegetarische gerechten staan vrijwel altijd op de kaart.
Bij het vlees verschijnen automatisch allerlei kleine schaaltjes met banchan: bijgerechten die onmisbaar zijn in de Koreaanse keuken. Denk aan verschillende soorten kimchi, ingelegde groenten, sojascheuten, spinazie, aardappelsalade en nog veel meer. De tafel staat in een mum van tijd helemaal vol.
Ik vond het grappig om te zien dat de Koreanen ook op een andere manier uit eten gaan dan wij, en dat viel de groep ook gelijk op. Natuurlijk draait het om lekker eten, maar het uitgebreide tafelen zoals wij dat kennen zie je minder. Er wordt gegeten, bijgepraat en daarna gaat iedereen vaak weer verder. Misschien juist daarom zijn de restaurants zo levendig: de doorstroom is hoog, de sfeer is overal goed en altijd lijkt wel iets nieuws te ontdekken.
Na drie dagen Seoul reizen we verder naar Gyeongju. Deze historische stad was bijna duizend jaar lang de hoofdstad van het Silla-koninkrijk en staat bekend om haar tempels, graftombes en historische gebouwen. Niet voor niets wordt Gyeongju ook wel het “museum zonder muren” genoemd.
Maar onze meest bijzondere ervaring ligt net buiten de stad: een verblijf in de Golgulsa-tempel. Een plek die nauwelijks groter kan contrasteren met het moderne Seoul
Een tempelverblijf is een manier om kennis te maken met het Koreaanse boeddhisme en het dagelijkse ritme van de monniken. Je verblijft in de tempel, eet samen, mediteert en doet mee aan activiteiten. Eerder had ik al eens een tempelprogramma gevolgd in het Odeasan Nationaal Park. Daardoor dacht ik ongeveer te weten wat mij te wachten stond. Toch bleek al snel dat geen enkele tempel hetzelfde is. Iedere tempel heeft zijn eigen geschiedenis, tradities en invulling van het programma. Waar sommige tempels zich vooral richten op meditatie en bezinning, staat Golgulsa juist bekend om een heel andere traditie. Uiteraard adviseren we je graag over welk tempelprogramma het beste bij je past.
Bij aankomst krijgen we allemaal een tempeloutfit: een eenvoudige, loszittende broek met een grijs vest. Niet bepaald modieus, maar wel praktisch en comfortabel. Iedereen ziet er meteen hetzelfde uit, precies zoals past binnen de boeddhistische gedachte van eenvoud en gelijkwaardigheid.
Golgulsa is de enige tempel in Korea waar de eeuwenoude boeddhistische krijgskunst Seonmudo dagelijks wordt beoefend. Wat is Seonmudo? Seonmudo is veel meer dan een vechtsport. Het combineert meditatie, ademhaling, yoga-achtige oefeningen en verdedigingsbewegingen tot één geheel. Het doel is niet om te leren vechten, maar juist om lichaam en geest met elkaar in balans te brengen. En laat dat nu net op ons programma staan.
Aan het einde van de middag verzamelen we ons in een grote trainingshal. Een van de hoofdmonniken heet ons welkom, waarna een Seonmudo-trainer de les overneemt. Alles wordt uitgelegd in een combinatie van Engels en Koreaans, wat soms tot komische situaties leidt, ook gedeeltelijk omdat de akoestiek niet super is. Maar dat mag de pret zeker niet drukken!
Zoals bij ieder tempelprogramma is deelname volledig vrijwillig. Wie liever een wandeling maakt of rustig van de omgeving geniet, kan dat zonder problemen doen. De training begint verrassend rustig. We starten met meditatie, ademhalingsoefeningen en het losmaken van de spieren. Tot mijn verbazing kan ik het allemaal nog redelijk bijhouden – veel oefeningen komen overeen met yoga en voelen daarom vertrouwd aan.
Maar zodra de echte bewegingen beginnen, wordt het een stuk lastiger. Met luide kreten en snelle bewegingen beginnen we aan de basis van Seonmudo. Armen en benen bewegen tegelijkertijd, houdingen vloeien in elkaar over en ondertussen probeer ik ook nog te onthouden welke kant we eigenlijk op moeten kijken.
Na een paar minuten raak ik volledig de draad kwijt, maar gelukkig ben ik niet de enige. Links en rechts zie ik groepsgenoten die net zo hard proberen bij te blijven en we lachten vooral heel veel. Aan het einde van de les mogen we in kleine groepjes laten zien wat we geleerd hebben. Althans... wat we dénken geleerd te hebben. Tot groot vermaak van iedereen om ons heen proberen we de serie bewegingen uit ons hoofd uit te voeren, natuurlijk ging dit helemaal verkeerd. Gelukkig is de sfeer onderling goed; er wordt veel gelachen en perfect hoeft het gelukkig absoluut niet te zijn.
Een vegetarische maaltijd na inspanning
Na de training eten we samen met de monniken. In boeddhistische tempels wordt uitsluitend vegetarisch gekookt. Daarbij draait het niet alleen om het vermijden van vlees, maar vooral om respect voor al het leven en om bewust omgaan met voedsel. De maaltijden zijn eenvoudig, voedzaam en zoveel mogelijk bereid met lokale en seizoensgebonden ingrediënten. In Zuid-Korea is tempelkeuken zelfs uitgegroeid tot een eigen culinaire stroming. Steeds meer restaurants laten zich inspireren door deze pure manier van koken, waarbij smaak ontstaat door fermentatie, groenten, kruiden en bouillons, zonder gebruik te maken van kunstmatige smaakversterkers.
Die avond gaat het licht vroeg uit. Dat is maar goed ook, want het leven in een tempel begint ruim voor zonsopkomst. De volgende ochtend begint vroeg. Om 04.30 uur klinkt de gong en verzamelen we ons voor de ochtendceremonie. In stilte luisteren we naar de gebeden en daarna volgt een meditatie en een wandelmeditatie over het tempelterrein.
Juist tijdens deze reis, waarin we zoveel indrukken opdoen, is het bijzonder om even stil te staan. Wanneer we later die ochtend afscheid nemen van Golgulsa, voelt het alsof we even uit het moderne Korea zijn gestapt.
Onze laatste bestemming is Busan. Vanuit Gyeongju is de havenstad gemakkelijk bereikbaar, zowel per bus als met de trein. Busan voelt direct anders dan Seoul. Waar Seoul strak, modern en georganiseerd oogt, heeft Busan een rauwer karakter. De stad leeft tussen de bergen en de zee en voelt losser en minder gehaast aan.
We bezoeken Gamcheon Cultural Village, een kleurrijke wijk die tegen de heuvels is gebouwd. Achter de vrolijke kleuren zit een bijzondere geschiedenis: de wijk ontstond tijdens de Koreaanse Oorlog toen vluchtelingen zich hier vestigden. Jarenlang was het een arme wijk, totdat bewoners en kunstenaars samen zorgden voor een nieuwe impuls. Tegenwoordig vind je hier cafés, galerieën en kleine winkels.
Voor de lunch gaan we richting BIFF Square, het hart van het Busan International Film Festival. Tegenwoordig is het plein vooral bekend vanwege de vele streetfoodkraampjes en kleine restaurants. Niet veel later lopen we door naar de beroemde Jagalchi Fish Market
Een van de leukste plekken in Busan is de Jagalchi Fish Market. Hier zie je een enorme variatie aan zeedieren die ik niet allemaal meteen herken. Zee-ananassen, abalone, kogelvis en nog veel meer. Maar het meest opvallende dier is toch de Gaebul.
Tussen alle bakken zwemmen lange, roze, glibberige dieren waarvan ik in eerste instantie werkelijk geen idee heb waar ik naar kijk. Ze blijken Gaebul te heten en krijgen als bijnaam, jawel: de penis fish.
Natuurlijk ontstaat er meteen discussie in de groep: zullen we ze proeven of toch maar niet? Samen met een groepsgenoot besluit ik de uitdaging aan te gaan. De verkoper maakt de Gaebul ter plekke schoon en snijdt hem in stukjes. Daarna eten we hem rauw, met een beetje sojasaus.
En eerlijk?
Hij viel me alles mee. De smaak doet denken aan sashimi, al is de structuur wat steviger en taaier. Het was misschien niet iets wat ik snel nog een keer zou bestellen, maar juist dit soort momenten maken reizen zo leuk. Je stapt even uit je comfortzone en probeert iets wat je thuis waarschijnlijk nooit zou doen!
Na een week vol indrukken keren we terug naar Seoul. Het was bijzonder om na zoveel jaar weer in Zuid-Korea te zijn en het land heeft me absoluut opnieuw verrast.
Seoul had gemakkelijk een week langer mogen duren. Iedere wijk heeft een eigen karakter en de combinatie van moderne architectuur, traditionele wijken, goed eten en creatieve concepten maakt de stad enorm veelzijdig.
Maar mijn hoogtepunt van de reis was zonder twijfel het verblijf in Golgulsa. Juist de afwisseling tussen de drukte van de steden en de rust van het tempelleven maakte deze reis compleet.
Ik weet één ding zeker: dit was zeker niet mijn laatste bezoek aan Korea!
Ben je - net als ik - ook zo enthousiast geworden over Zuid-Korea? Neem eens een kijkje in ons reisaanbod of plan een afspraak met me in om je reiswensen verder te bespreken. Ik adviseer je uiteraard graag!
De website van Dimsum Reizen maakt gebruik van cookies. Deze cookies onderscheiden we in de categorieën functionele, analytische, advertentie en Social Media Cookies.